VPdesk

Werkvorm 4 · bewegen en debat

Waar sta jij?

Tien stellingen over sociale veiligheid. Studenten kiezen fysiek ‘Eens’ of ‘Oneens’ en gaan daarna met elkaar in gesprek.

30–40 minuten10 stellingen · geen telefoons

Voorbereiding

Maak twee kanten in het lokaal

Wijs één kant aan voor ‘Eens’ en de andere voor ‘Oneens’. Projecteer het aparte presentatiescherm. Lees elke stelling voor, laat studenten kiezen en toon daarna de debatvraag.

  • 1
    Kies een plek
    Iedereen mag ook blijven staan, passen of van kant wisselen.
  • 2
    Vraag naar argumenten
    Nodig beide kanten uit; niemand hoeft zijn eigen keuze uit te leggen.
  • 3
    Toon de debatvraag
    Laat studenten op elkaars argumenten reageren en rond zorgvuldig af.

Alleen voor de begeleider

Zo begeleid je ‘Waar sta jij?’

1

Bereid het lokaal voor

Verdeel het lokaal in twee duidelijk herkenbare helften: één helft voor ‘Eens’ en één voor ‘Oneens’. Studenten lopen bij elke stelling naar de helft die bij hun mening past. Zorg voor voldoende loopruimte. Houd deze bediening op je eigen scherm en projecteer alleen het presentatiescherm.

2

Maak veilige afspraken

Niemand hoeft een eigen ervaring of keuze te verklaren. Passen, blijven zitten en tijdens het gesprek van kant wisselen mag. Gebruik geen namen of herkenbare casussen.

3

Werk per stelling

Lees de stelling voor, geef kort bedenktijd en laat studenten een kant kiezen. Vraag vrijwillig om argumenten van beide kanten. Klik dan op ‘Toon debatvraag’ en bespreek de vraag ongeveer twee minuten.

4

Rond af

Vraag welk argument iemand aan het denken zette. Noem de actuele contactroute naar de vertrouwenspersoon en bied ruimte voor een individueel gesprek na afloop.

Bij spanning in de groepPauzeer de oefening als de discussie persoonlijk wordt. Verplaats een eigen verhaal naar een rustig individueel gesprek.
Open instructie als PDF